donderdag 30 augustus 2012

426. Berlin - Arnheim (Europa Radweg R1)

VAKANTIE IS AFZIEN

Vroeger - in mijn studententijd en daarvoor - was ik wel eens uitgeput en hongerig door fysieke inspanning. Nu breng ik mijn werkdagen lezend, typend en pratend door. En bij dorst of trek is de koffieautomaat of de kantine zo bereikt. ’s Avonds vragen het avondeten, de krant en een goed boek (vaker: de televisie) mijn aandacht en dan is het alweer bedtijd. Ik wil maar zeggen, ik leef in onverstoorde voorspoed en dat toont zich. Om dit Eerste-Wereld-probleem in elk geval één keer het hoofd te bieden heb ik in 2011 besloten in mijn eentje een lange fietstocht te maken. 
 
Voorbereiding  
Oorspronkelijk was het (niet echt) realistische idee naar Moskou op te trekken in de voetsporen van Napoleon 200 jaar geleden. Een beter doel diende zich aan toen bleek dat mijn vriendin in augustus 2012 een meerdaags medisch congres in Berlijn had. Voor de fietstocht Berlijn - Arnhem (2010, 185 pagina's) bleek er een werkelijk perfecte boek van Bikeline beschikbaar: ideale schaal voor fietsen (1:75.000) met vermeldingen van relevante informatie (bezienswaardigheden, uitkijkpunten, hotels, restaurants, sterke stijgingen, type weg, etc.). Dit maakt het welhaast onmogelijk om echt te verdwalen. Deze route maakt onderdeel uit van de grootse R1-fietsroute van Boulogne-sur-mer via Den Haag en Berlijn naar Sint-Petersburg. Helaas is de rest van deze route niet als Bikeline-boek beschikbaar. 
 
Na de nodige trainingskilometers en sportschooluren (RPM en spinning) ben ik tussen 23 en 29 augustus 2012 van Berlijn naar Nederland gefietst. Doel van deze vakantie was - zoals elke goede vakantie! - het doorbreken van het patroon van de activiteiten in de rest van het jaar. In deze vakantie daarom geen geestelijke activiteiten, maar ouderwets fysiek afzien. Hieronder per dag een korte impressie van de tocht.  

Dag 1: Berlijn - Potsdam - Lutherstadt Wittenberg  (138 km, 6.643 kcal)


 Na enkele genoeglijke en ontspannen dagen samen met Dunja in het hippe en bruisende Berlijn dook zij de congreshal in en stapte ik op mijn fiets, een Edelrose City-Maxi. Op deze dag zou de temperatuur gemakkelijk de 30+ graden Celsius bereiken. Om deze reden fietste ik extra vroeg en met extra water door de Brandenburger Tor de stad uit (zie foto), op weg naar Potsdam en het achterliggende platteland. In de gepasseerde dorpen inspireren de rijen flats met achterstandsallure (tijd voor een likje verf; bier en tatoeages bij de rondhangende bewoners) tot snel en ver doorfietsen. Opvallend is dat in zeker 30 jaar geleden gebouwde buurten gravel- en zandwegen liggen zoals je die in Nederland enkel aantreft in net opgeleverde VINEX-wijken (foto). Dat wegdek is geen glad asfalt, maar veel prettiger fietsen dan de nu en dan nog voorkomende stukken met een soort kinderkopjes.

In dit stuk van voormalig Oost-Duitsland tref je vooral veel landbouwgrond, ruimte en (beschermde) natuur. Op de eerste dag had ik dus meteen al het buitengevoel met landelijke geuren en beesten in de velden. Slaapplaats is Lutherstadt Wittenberg (van de 95 stellingen op de kerkdeur), voor zover gezien een aardig stadje. Na een grote Schnitzel met dito Weizenbier in de avondzon, vroeg naar bed. Ik ben onderweg!  

Dag 2: Wittenberg - Oranienbaum - Dessau - Bernburg (114 km, 4.439 kcal; 252 km, 11.082 kcal)
Op mijn stuur is een houder gemonteerd voor het routeboek. Dit dashboard liet aan het begin van de tweede dag meermalen los door het trillen op die *&;$^?&# kinderkopjes. Frustrerend. Uiteindelijk heb ik dit euvel gelukkig met brute kracht en een inbussleuteltje blijvend weten te fiksen. Tijdens een flink stuk langs het spoor trof ik midden in het bos een verlaten uitziend huis aan, met daarvoor een klein, verschrompeld vrouwtje. Mijn vriendelijke groet in het voorbijgaan werd gretig beantwoord door dit oude besje; we waren denk ik allebei blij met de aanspraak, hoe beperkt ook. Dorp en Slot Oranienbaum (van een Nassau; zie foto) zijn rap gepasseerd; er moeten immers kilometers worden gemaakt. Dessau heeft - door mij ongezien - Unesco-werelderfgoed (Bauhaus). In Bernburg heb ik geslapen in het Askania-hotel, toevallig naast de jaarlijkse Bernburger Weinmarkt. Ik zat hier met een wijntje aan een picknicktafel tegenover een dikkige jongeman die hoofdschuddend en vrij luid in zichzelf pratend een Cola-fles leegdronk (met niet alleen frisdrank, vermoed ik). Of het liefdesverdriet was of dat 'ie enigszins gestoord was weet ik niet, maar het maakte in elk geval een treurige en afschrikwekkende indruk. Ik heb dan ook maar afgezien van het aanknopen van een praatje (ook al had ik natuurlijk veel te vertellen).
 
In deze eerste dagen van de fietstocht dwaalden de gedachten ver, divers en breed af. De geuren onderweg stimuleerden dit. Werkgedachten, herinneringen over vroeger bij opa en oma, ooit gevoelde ambities en wat daarvan is terechtgekomen, de rol van geloof en de beste maatschappijinrichting, van alles dwarrelt door het hoofd, zonder overigens echt nieuwe inzichten op te leveren. Fluitend en zingend gaat het voort, veelal zonder andere mensen tegen te komen. Een kat die op het pad voor mijn fiets uit rende in plaats van één meter af te buigen naar de berm, was één van de meest interactieve belevenissen. De aanspraak die je tijdens het fietsen wel hebt, is vooral van mannen van pensioen­gerechtigde leeftijd. Zij willen dan niet alleen geïnteresseerd horen waarheen de reis gaat, maar ook graag vertellen wat zij zelf allemaal zo de afgelopen 60 jaar hebben beleefd op de fiets. De eventuele partner begint dan standaard na een paar minuten aan zijn arm te trekken om mij te bevrijden ('kom Helmut, we moeten verder, en deze jongeman vast ook'). Een onnodige ingreep, want ik maak graag zo’n obligaat praatje.
 
Vol goede zin reis ik dus westwaarts. De milde regenbuien verpestten mijn humeur niet. Fiets en kleding zitten na de meerdere regenbuien wel zo onder de modder dat ik voor het slapengaan moet schrobben en handwassen. Het fijne van de moderne sportkleding is dat deze de volgende dag hoogstens nog een beetje klam is, en dus meteen weer bruikbaar. Als je echt wilt, kan op zo’n tocht worden volstaan met één setje kleding.


 
Dag 3: Bernburg - Staszfurt - Blankenburg - Wernigerode  (126 km, 5.412 kcal; 378 km, 16.494 kcal)
De Harz is bereikt. Dit betekent continu klimmen en dalen, nog steeds veel over modderige paden. De dikke banden op mijn Edelrose tonen zich hiervoor prima geschikt. De ruim 10 kilo bagage achterop laat zich wel voelen, het frisse is er bij mij af. De uitzichten zijn fraai. Ik passeer deze dag de waterscheiding tussen Oost en West, tussen Elbe en Weser. Vlak voor Blankenburg blijkt bovenop een berg mijn voorband boterzacht. Aangezien ik geen zin had in plakken in de middagzon zonder water, heb ik eens gekeken hoe de band reageerde op gewoon opnieuw oppompen. Ik had geluk, zolang ik dat pompen niet te hard deed, hield 'ie het. Op de halfzachte band als een speer doorgefietst naar de volgende pleisterplaats, Wernigerode. Het centrum van dit vast ook fraaie stadje heb ik in het geheel niet gezien. Ik heb alleen de naast het hotel gelegen supermarkt leeg gekocht voor een diner van koekjes, wijn en broodjes met (vieze) haring en kipfilet (zie foto). Na deze traktatie heb ik nog wat gelezen om daarna onrustig te slapen, met angstdromen over glas op het fietspad en voor goed verruïneerde binnenbanden.


 
Dag 4: Wernigerode - Goslar - Einbeck  (105 km, 4.592 kcal; 483 km, 21.086 kcal)


 
Zondag, midden in de Harz. Mijn band was niet al te hard, maar leek ook niet veel zachter te worden. Verder regende het weer: afzien op zijn best (zie de spiegelfoto gemaakt aan het einde van de dag). Helaas heb ik deze dag ook moeten beleven dat de heuvel doorging waar mijn energie en lagere versnellingen ophielden. Eerst ben ik nog enkel halverwege gestopt om 'even op de kaart te kijken' en daarna alsnog naar de top te fietsen. Later op de dag heb ik bij gelegenheid gewoon het steilste stukje gelopen. Er was toch niemand die mij zag, dus zolang ik dit stil houd hoeft niemand te weten dat de maximaal 400 meter hoge heuvels te veel voor mij waren. Deze dag heb ik soms bewust stukken bospad en kinderkopjes gemeden door de hoofdweg te volgen (op instigatie van het routeboek van Bikeline: 'dit stuk is eigenlijk alleen geschikt voor fietsen met volledige vering'). Doorgetrapt tot het fraaie Einbeck met veel oude vakwerkhuizen. De salade en lasagne bij de dorpsitaliaan gingen er na de inspanningen van de dag gretig in. Het hotel was prima, maar ik heb wel beroerd geslapen (door de fysieke uitputting?).
 
Het lukte trouwens elke dag gemakkelijk om rond het middaguur met wat zoekwerk op de smartphone gevolgd door een enkel telefoontje een geschikt hotel te vinden voor circa 50 euro, inclusief uitgebreid ontbijtbuffet (broodje mee voor onderweg). Ik kwam dan zo rond 16:00 uur, uiterlijk 17:30 uur aan op de plaats van bestemming. De Duitse uitbaters hebben hierbij groot vertrouwen in de gasten: geen vooruitbetaling, geen borg, geen paspoort, gewoon sleutel krijgen en slapen. Fantastisch.
 
De smartphone in combinatie met een tijdelijk onbeperkt internetabonnementje voor Duitsland was erg praktisch. Ik kon gewoon mijn mailtjes lezen, berichtjes sturen via Whats-app, Wordfeuden, Google Maps raadplegen bij twijfel over de route, twitteren over de voortgang, teletekst lezen, etc. De wellicht uit het verhaal hierboven opdoemende gevoel van eenzaamheid was dus op zijn minst relatief. Niets in de wereld hoefde mij te ontgaan, ook bijvoorbeeld niet het persbericht van Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie dat deze 'het geeltje' wil gaan afschaffen voor de handhaver op straat. Dit in verband met het aanvalsfront tegen de bureaucratie bij de politie. Op zo’n mooi voorstel kan je onderweg lekker een paar uur kauwen.  


 
Dag 5: Einbeck - Höxter - Detmold - Hövelhof (136 km, 5.106 kcal; 619 km, 26.192 kcal)

De zon schijnt deze ochtend, de pap in de benen warmt langzaam op, de Harz wordt verlaten: doorstomen. In Holzminden (na zo'n 40 km) in een fietshandel door een oude baas een nieuwe binnenband laten omleggen. De oude (de band, niet de baas) bleek al minimaal anderhalve dag te lekken bij het ventiel (een onplakbaar scheurtje). Een ruim half uur later blijkt het met knoertharde banden toch een stuk beter fietsen. Dat ik vlak langs de rivier de Elbe mocht fietsen, hielp ook. Na de lunch kwam ik bij de Externsteine in het Weserbergland. Bekend terrein omdat wij hier deze zomer toevallig ook een weekje waren geweest. Overnachten in Detmold, de grootste plaats in de buurt, zou in de rede liggen, maar overmoedig geworden door de harde band, ben ik doorgestiefeld naar Hövelhof. Aan het einde van de dag passeerde ik in de bossen meerdere militaire terreinen, en dorpjes met agressief rijdende testosteron-automobilisten. Ik vermoed een verband.
 

Dag 6: Hövelhof - Verl - Warendorf - Münster  (109 km, 3.125 kcal; 728 km, 29.317 kcal)


 
De zadelpijn bereikte deze dag nieuwe hoogtepunten en mijn spieren voelde ik te vaak. In de ochtend begon mijn kuitspier bijvoorbeeld spontaan te trillen tijdens het traplopen richting mijn hotelkamer op de derde verdieping. Later op de dag voelde ik kramp opkomen in mijn linkerkuit. Ik rook echter de stal en ik droomde over thuis zijn, dus dat soort kleinigheden vertraagde mij niet echt.
Van grootse bespiegelingen tijdens het fietsen is sinds de derde dag weinig meer over, het gaat om het hier en nu. Hoor ik daar een onbekende piep of ratel bij mijn fiets? Waarom doet zitten zo'n pijn en waarom voel ik in drie vingers van mijn rechterhand enkel tintelingen? Moet ik niet weer eens wat eten? Heb ik al mijn bagage meegenomen? Waar ben ik en hoeveel moet ik nog tot de volgende pauze, tot de volgende overnachting, tot thuis? Bij dergelijke praktische vragen kan het beste letterlijk worden stilgestaan. Veel pauzes dus, gelukkig in de zon (zie foto).
 
Bij het afladen van mijn fiets voor het hotel in Münster had ik mijn fietspompje van de fiets gehaald om diefstal te voorkomen. Aangezien ik het pompje echter op straat liet liggen, was het niettemin weg. Dit was het eerste wat ik onderweg kwijtraakte en dergelijk klein leed hakte er na zoveel kilometer zwaarder in dan verwacht; je raakt gehecht aan wat je hebt. De studentenstad Münster maakte echter veel goed. De winkels, de mensen en het vertier gaven een echt vakantiegevoel. Na het eten heb ik nog de spieren Thais laten masseren om verdere kramp te voorkomen; de masseuse vond het maar Wahnsinn zo'n lange fietstocht alleen. Mijn standpunt dat afzien bij vakantie hoort, vond weinig weerklank. 
 
Dag 7: Münster - Stadtlohn - Winterswijk  (93 km, 2.928 kcal; 821 km, 32.245 kcal)
De korte slotetappe. Tussen Münster en Stadtlohn ben ik nog enkele fraaie buitenplaatsen gepasseerd. Deze indrukwekkende buitenhuizen, de een nog kasteelachtiger dan de ander, zijn veelal (nog steeds) in privébezit (foto's). Ik passeerde ook veel paarden in de velden, kennelijk staat het Münsterland hierom bekend. Bijna ging het nog fout toen een pauw rakelings voor mijn banden de straat overschoot. Na een late lunch bij een Konditorei in Stadtlohn ben ik snel afgebogen naar het eerste Nederlandse station, Winterswijk. Na 821 km was ik er klaar mee en stapte ik op de trein naar Den Haag.
 
In bovenstaande kopjes staat per dag steeds de afgelegde afstand en het aantal verbrande kilocalorieën. Dit is gebaseerd op de registratie van mijn Garmin GPS-horloge 310 XT. Het totaal van ruim 32.000 kcal is het equivalent van 120 Marsrepen. Thuis bleek dat het netto gewichtsverlies van de 7 dagen doorfietsen liefst 800 gram was. Ik heb dus in elk geval goed gegeten en gedronken onderweg. 

 
Thuis
Terugkijkend ben ik tevreden met de gefietste kilometers (al was een ronde 1.000 km nog mooier geweest). De lichamelijke inspanning gaf niet alleen keiharde beenspieren en een puntgevoelige derrière, maar ook de beoogde geestelijke ontspanning. Duitsland maakte zoals altijd een uitstekende indruk. Alles is goed georganiseerd en betaalbaar, vakmanschap lijkt hier nog op elk niveau echt te worden gewaardeerd, de omgeving is fraai en divers. De vakantie heeft dus opgeleverd wat ik ervan verwachtte. Inmiddels heb ik ook een racefiets aangeschaft om nog minder te worden ingehaald tijdens het fietsen. Op zijn minst blijf ik dus wat langere dagtochten maken. Mocht het echter nog een keertje komen tot een meerdaagse fietstocht, kies ik wel voor een kortere afstand of voor reisgezelschap.
 
Zie eventueel verder ook @kaalmakreel op Twitter.


Gebruikt materiaal
Onderweg leer je de kwaliteit van je materiaal kennen en waarderen. Hieronder een overzichtje van de belangrijkste spullen (* = bagger, *** = doet wat het moet doen, ***** = perfect).
 
- Keen sandalen ***** (perfect voor wandelen, fietsen)  
- Edelrose City Maxi **** (geen materiaalpech, met de brede banden ideaal voor de soms slechte wegen, 11 naafversnellingen geven voldoende bereik, geen rugpijn e.d.)  
- Samsung Galaxy SII **** (GPS, internet, vermaak)
- Klickfix-kaarthouder **** (altijd de route in beeld op je stuur; de fietser helemaal in control)  
- Casual fietskleding van Gore / Dakine / Protective **** (Gore degelijk, Dakine hip, Protective meest praktisch; allemaal goed)
- Alpina-helm **** (nooit eerder met helm gefietst, op de tocht geen moment hinder van gehad, in het vervolg maar standaard op de racefiets)
- BBB-fietshandschoenen **** (leer, badstof, wasbaar)  
- Garmin 310 XT GPS-sporthorloge **** (handig voor koers, afstand, tijd, hartslag, calorieën)  
- Topeak fietspomp *** (pompt goed op elk type ventiel, helaas op straat laten liggen in Münster)
- Agu fietstassen **** (voldoende groot, waterdichte hoezen, nooit er afgevallen)  
- Garnier Ambre Solaire factor 30 (met tweemaal smeren per dag nergens verbrand (en ook niet echt bruin geworden))  
- Tifosi-zonnebril *** (meekleurende glazen, houdt zon en beestjes effectief uit de ogen)
- Pearl Izumi regenjas ** (fluorescerend dus verhoogde zichtbaarheid, maar bepaald niet waterdicht bij de armen)
 
Fietsambities  
Enkele tochten die ik nog wel wil ondernemen:
- De LF1 van Den Haag naar Den Helder (1 dag, 140 km)
- De LF1 van Boulogne-sur-mer naar Den Haag (3 dagen, 360 km)
- Maastricht - Den Haag (1 dag, 230 km)
- Den Haag - Waterloo (1 dag, 180 km)  
- Een (serie) col(s) met minimaal 12 haarspeldbochten (weekje vakantie)
- Rondje IJsselmeer - Den Haag - Amersfoort (1 ochtend, 100 km) 

Deze blogpost is - bewerkt - gepubliceerd in de LexKlets #3, oktober 2012. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten